Beheer en onderhoud

In 2010 had Rijkswaterstaat te maken met een spanning tussen beschikbaar en benodigd budget om de infrastructuur van de drie netwerken het gewenste onderhoudsniveau te geven. Daarom hebben we in 2010 nauwkeurig in kaart gebracht waar de onderhoudstoestand de grootste risico’s opleverde. Het onderhoud van die plekken kreeg de hoogste prioriteit.

In 2010 heeft Rijkswaterstaat zich er sterk voor gemaakt om meer geld beschikbaar te krijgen voor beheer en onderhoud. Daarnaast is stevig ingezet op de invoering van assetmanagement. Met assetmanagement kan Rijkswaterstaat snel een goed inzicht krijgen in de toestand van zijn infrastructuur, zowel kwantitatief, kwalitatief als financieel. Op basis daarvan kan onderhoud tijdig worden ingepland. Ook werken we aan de invoering van Life Cycle Costing, een nuttig instrument dat gebruikt kan worden bij besluiten over de aanleg van nieuwe infrastructuur. Aan de hand van Life Cycle Costing kan alvast rekening worden gehouden met de kosten voor het toekomstige onderhoud en de vervanging van infrastructuur (zie hiervoor het artikel ‘Agentschapsvorming Rijkswaterstaat’).